Gerrit Vignero over het verleden, heden en toekomst van “De Draad”

Terug naar het overzicht
de draad

In 2013 leerde FORTIOR Gerrit Vignero en zijn model “De Draad” kennen. In de jaren die er op volgden heeft FORTIOR meerdere studiedagen georganiseerd over De Draad. Het is duidelijk te zien dat het model zich door de jaren heen heeft ontwikkeld en uitgebreid. Dit was voor FORTIOR reden om Gerrit Vignero een aantal vragen te stellen over de stand van zaken rond “De Draad”.

 

Hoe lang bestaat “De Draad” nu? En wat was de aanleiding om het model te ontwikkelen?

De Draad Gerrit Vignero

De eerste publicatie rond de draad was in 2007, in het tijdschrift Vibeg-Echo’s in Vlaanderen (dat tijdschrift bestaat ondertussen niet meer). Sinds 2007 geef ik er ook vorming over. Maar er is altijd een groei naar een model geweest, bewust en onbewust in al de jaren ervoor.

Toen ik 30 jaar geleden, pas afgestudeerd begon met werken in de voorziening waar ik nu nog werk -MPC Terbank te Heverlee (Leuven)- was ontwikkelingspsychologie voor mij een belangrijke insteek om te kijken naar cliënten en om met begeleiders en ouders te overleggen.

Na het lezen van het werk van Došen en de opleiding die ik volgde bij Heijkoop, vielen verschillende inzichten en ervaringen voor mij op hun plaats. En zo ontwikkelde ik de draad als model van verbinding, als ontwikkelingspedagogie. Hoe vertaal je het ontwikkelingsdenken naar ouders, leerkrachten en begeleiders zodat het voor hen bruikbaar en vruchtbaar wordt?

In 2012 sloot ik mij aan bij het project SEN-SEO in Vlaanderen. Dit was voor mij de opstap om het model in een boek te gieten: ‘de draad tussen cliënt en begeleider’ (uitgeverij Garant).

 

Wat is in de afgelopen jaren de meerwaarde van “De Draad” geweest? Wat heb je allemaal bereikt?

Ik denk dat ontwikkelingspsychologie een fundamentele wetenschap is om te zoeken naar antwoorden als opvoeding of begeleiding moeilijk loopt of zelfs vastloopt. Het eigene aan De Draad is dat het accent ligt op cliënt én begeleider/ouder/leerkracht. In heel wat ontwikkelingsmodellen gaat het vooral om het inschatten van de cliënt. De Draad is gericht op verbinding. Het sluit in die zin sterk aan bij alle hulpverlening die rond verbinding en relatie werkt. Het gaat om ontwikkelingspedagogie.

Het uitwerken van de eerste draad (de draad trekken) en het opdelen van hechting en onthechting geeft heel veel handvatten. Ik merk dat we in moeilijk lopende begeleidingen vaak uitkomen bij de eerste draad (adaptatiefase in het model van Došen). Daarnaast zijn de hechtingsvoorwaarden belangrijk. Het analyseren van deze draden in deelprocessen helpt begeleiders en ouders vaak verder.

Ook heb ik gemerkt dat de eenvoudige taal en het visueel voorstellen verduidelijkend kunnen zijn voor ouders en begeleiders. Het wil eenvoudig zijn en eerder schappelijk dan wetenschappelijk. Het wil bruikbaar zijn en vruchtbaar zijn voor de praktijk. De ballast van ‘toetsen’ en ‘klopt het wel’ verschuift naar ‘werkt het?, ‘hoe kan ik het gebruiken?’

Veel deugd heb ik eraan dat een aantal ouders, leerkrachten begeleiders dankzij het model van de draad een andere manier van afstemming met hun kind of de cliënt hebben gevonden. Als het toepassen werkt, is dat een meerwaarde. Daar doe je het voor.

Nog een meerwaarde is dat ik mijn draadje heb kunnen koppelen aan wat er leeft in Vlaanderen en Nederland rond het ontwikkelingsdynamisch denken. De Draad staat niet op zichzelf als model maar heeft enkel betekenis doordat het verbonden is aan andere modellen.

 

Hoe heeft De Draad zich ontwikkeld in de afgelopen jaren?

Het leuke is dat ik in de 10 jaar dat ik ook vorming geef rond de draad het basismodel hetzelfde is gebleven. Het eerste artikel van 10 jaar geleden is nog altijd de basis.

Door het geven van vorming in Vlaanderen en beperkt in Nederland, heb ik het model kunnen toetsen bij toehoorders en samen met hen de draad kunnen toepassen. Zo werd de draad nog meer verfijnd. Vooral de eerste type draden werden verder uitgediept. Het werd op deze manier verspreid zodat de meeste voorzieningen voor cliënten met een verstandelijke beperking in Vlaanderen het model kennen. Een aantal voorzieningen gebruiken het intensief. Daardoor is ook de behoefte ontstaan om de draad niet alleen als concept maar ook als methode te gaan ontwikkelen. Daar ben ik volop mee bezig.

De draad wordt ook toegepast om vanuit de SEO-r(²) de vertaalslag te maken naar de praktijk. Daarvoor heb ik een aantal werkschema’s ontwikkeld die mensen kunnen verkrijgen via mijn website.

Opvallend vind ik ook dat de doelgroep verbreed is Waar ik eerst vooral vorming gaf binnen voorzieningen en organisaties voor cliënten met een verstandelijke beperking is dit uitgebreid. Zo gebruik ik het ook als model in het regulier onderwijs bij leerlingen zonder verstandelijke beperking eb in oudergroepen en in de jeugdhulpverlening. Mijn tweede boek ‘de draad tussen ouder en kind’ is dan ook gericht op gewoon en buitengewoon. Dezelfde thema’s zijn herkenbaar en ik hoop zo dat gewoon en buitengewoon elkaar meer vinden. Een aantal kindertherapeuten gebruiken het model ook om het met kinderen over emoties te hebben. Leuk is dat er ook interesse is vanuit de onderwijswereld en dat er een groep bezig is om de draad te vertalen naar ontwikkelingsdoelen.

 

In Nederland klink steeds regelmatiger kritiek op het niveau-denken in het ontwikkelingsdynamisch model van Dosen (het zou infantiliserend werken). Hoe denk jij hierover?

Ik denk dat deze kritiek vooral komt van mensen die het model niet goed kennen of het model niet juist interpreteren. In Vlaanderen merken we ook dat er heel wat misinterpretaties bestaan. Daarom organiseerden we met de groep SEN-SEO ook ons vorige congres (2015) over deze misverstanden.

Het is niet de bedoeling om mensen te infantiliseren. Het model geeft aan dat bepaalde ontwikkelingsthema’s blijven spelen in het leven van een persoon en dat we een betere afstemming vinden door hier recht aan te doen. Ik spreek daarbij over ‘het kwetsbaar plekje in de draad’. Emotie is iets dat zich pril ontwikkelt en waar het eerste levensjaar cruciaal is. Hiermee rekening houden doe je maar tegelijk hou je rekening met het leeftijdsadequaat denken en werken. Vergelijk het met ‘mindfullness’, dat gaat ook om basale processen maar deze worden toch ook niet aangezien voor infantiliseren.

Wat ik wel onderschrijf is dat door het feit dat Došen altijd werkt met cliënten met ernstig probleemgedrag er soms onvoldoende aandacht besteed wordt aan het emancipatorische denken, het burgerschapsmodel en aan ontwikkelingsthema’s horend bij puber en jongvolwassen. Daarom ook loopt het model van de draad verder dan de fasen bij Došen.

 

Wat zijn je toekomstplannen met De Draad?

Ik ben volop bezig met een nieuw boek. De bedoeling is om de draad als methode uit te schrijven zodat professionals meer uitleg krijgen over hoe je kunt werken met de metafoor van De Draad. De bedoeling is weer te geven welke stappen ik zet in het analyseren van een probleemsituatie, welke elementen daarbij aan bod komen en hoe ik de verschillende draden concreet maak in begeleiding.

Daarnaast ben ik binnen een aantal projecten mee aan het zoeken naar een verdere toepassing van De Draad, zoals:

  • in de handelingsplanning voor het (speciaal) onderwijs samen met een aantal leerkrachten van leerlingen met een ernstige verstandelijke beperking,
  • in een aantal voorzieningen die de draad als methode gebruiken in hun beeldvorming,
  • een leertraject om begeleiders te coachen rond emotionele ontwikkeling
  • in integratie van verschillende modellen van (sociaal)-emotionele ontwikkeling.

Daarnaast heb ik af en toe  te maken met het toepassen van de draad bij specifieke doelgroepen en in de toekomst wil ik daar aandacht aan besteden, bijvoorbeeld bij adoptie- en pleeggezinnen en mensen met dementie.

 

Op je website staat dat je een opleiding gaat aanbieden. Kun je daar meer over vertellen?

Ik heb de voorbije 10 jaar -meermaals per maand soms – vormingen gegeven rond De Draad. De volgende stap is dat ik in een nieuw boek een handleiding en opleiding wil uitwerken in de methodiek van De Draad. Zo wordt de kennismaking verbreed tot een groep mensen die het verhaal van De Draad met mij kunnen uitdragen. In eerste instantie denk ik aan de trainers in de SEO-r die vanuit de SEO-r (²) de draad een vertaalslag leren maken. Voor mij zou dat een geweldige meerwaarde zijn.

 

Zijn er nog dingen die je zelf kwijt wilt en die niet gevraagd zijn?

Ik vind het altijd leuk dat mensen die de draad leren kennen of gebruiken, dat aan mij laten weten. De bedoeling is uitwisseling en verbinding. We kunnen leren van elkaar.

 

Meer leren over De Draad?

Gerrit Vignero geeft in samenwerking met FORTIOR een training over de methode de Draad en hoe deze gebruikt kan worden in de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking en ernstig probleemgedrag. Lees meer over de studiedag verbindend werken met cliënten met probleemgedrag>>

Meer informatie over De Draad vind je op de website van Gerrit Vignero

Aanmelden voor de nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuwe trainingen en ontwikkelingen

Aanmelden nieuwsbrief