Terug naar het overzicht

5 aanbevelingen voor de begeleiding van cliënten met hechtingsproblematiek

Trainingen voor professionals die werken met mensen met een verstandelijke beperking

Diagnostiek van gehechtheid: cursus over de afname en scoring van de Attachment Story Completion Task (ASCT)

Tweedaagse praktijkgerichte cursus over ASCT Meer informatie
veilige en onveilige gehechtheid Aantal keer bekeken: 2952 views

De ontwikkeling van mensen met een verstandelijke beperking is een kwetsbare ontwikkeling. Hierdoor zijn mensen met een verstandelijke beperking vatbaarder voor hechtingsproblematiek. Een onveilige gehechtheid kan leiden tot gedrags-, emotionele en relationele problemen. Dit is niet bevorderlijk voor het levensgeluk van de persoon zelf. Ook voor professionals kan het begeleiden van mensen met hechtingsproblematiek een enorme belasting zijn.

Verhoogd risico op hechtingsproblematiek

John Bowlby ontwikkelde als een van de eersten een theorie over hechting. Uitgangspunt van zijn theorie is dat kinderen zich hechten aan hun primaire zorgfiguren. Kinderen hechten zich vanaf de geboorte aan de mensen die zich beschikbaar stellen. Kinderen zullen zich altijd hechten aan de ouder of verzorger die aanwezig is. Ook als deze ouder niet-zorgzaam, emotioneel weinig beschikbaar of zelfs verwaarlozend is. Dit betekent echter niet dat het kind zich dan veilig zal hechten. Een gehechtheidsrelatie ontstaat als het kind ongeveer 7 tot 8 maanden oud is.

Kinderen met een verstandelijke beperking zijn kwetsbaarder voor hechtingsproblematiek. Bij kinderen met een beperking komt het namelijk vaak voor dat ze als jong kind al allerlei medische ingrepen moeten ondergaan en daardoor langdurig in het ziekenhuis liggen. Daarnaast zijn ouders – die een kind krijgen met een beperking waarschijnlijk emotioneel aangeslagen. Dit maakt dat ze wellicht minder beschikbaar zijn voor hun kind. Daarbij komt dat kinderen met een beperking andere of minder signalen afgeven waardoor ouders en verzorgers niet goed kunnen aflezen wat het kind nodig heeft. Ouders en verzorgers kunnen zodoende niet passend reageren. Al deze factoren vormen een risico op het ontstaan van een onveilige hechting.

 

Altijd zoeken naar oplossingen op maat

Het begeleiden van cliënten met een verstandelijke beperking en hechtingsproblemen is maatwerk. Er zal altijd per individu bekeken moeten worden wat nodig is. Toch zijn er enkele algemene aanbevelingen die belangrijk zijn in het begeleiden van cliënten met hechtingsproblematiek.

1. Sensitieve responsiviteit
Vooral bij mensen met hechtingsproblematiek is het belangrijk om sensitief responsief te zijn. Dit betekent het aanvoelen van wat het kind (of volwassen cliënt) nodig heeft. Een sensitief responsieve ouder of begeleider begrijpt de signalen van het kind of cliënt en reageert hier passend op. Deze benadering staat tegenover een beheersmatige aanpak waarvoor in gevallen van handelingsverlegenheid vaak voor wordt gekozen. In deze aanpak wordt iemand voornamelijk op een negatieve manier bijgestuurd. Anton Došen (psychiater/kinderpsychiater) benadrukt in zijn scholingen en publicaties voortdurend het belang van positieve relaties tussen cliënt en ouders/verzorgers, onder andere door samen plezier te maken.

 

2. Structuur en houvast

Het is belangrijk om aan mensen met hechtingsproblemen een gepaste structuur en houvast te bieden. Dat betekent dat je grenzen kunt stellen op een respectvolle en liefdevolle manier waardoor goed contact in stand blijft. (Lees ook de blog “Er zijn grenzen die werken en grenzen die tegenwerken”)

Ook is het belangrijk te kijken naar de prikkels in de omgeving van de cliënt. Cliënten met hechtingsproblemen hebben meestal problemen met regulatie waardoor ze snel overprikkeld raken. Houvast en structuur kun je ook bieden met je eigen houding (attitude). Volgens Anneke Groot (bekend van de methode Contactgericht Spelen en Leren) is een ontspannen, afgestemde en eenduidige houding de beste structuur die je mensen met weinig houvast of basisveiligheid kunt bieden.

 

3. Grenzen respecteren

Sommige cliënten met hechtingsproblemen zijn zo kwetsbaar in hun hechting dat je maar heel geleidelijk dichterbij kunt komen. Een zekere emotionele neutraliteit is voor hen beter te hanteren dan te nabije affectiviteit. Je gaat deze mensen bijvoorbeeld niet zomaar op eigen initiatief een knuffel geven. Je kunt deze cliënten de ruimte bieden om gedachten en gevoelens voor zichzelf te houden en ze liefdevol verwelkomen als je naar jou toe komen.

 

4. Begeleiding van ouders

Ouders van (jonge) kinderen met een verstandelijke beperking zijn vaak in zekere mate getraumatiseerd. Ze staan onder druk of zijn in de war. Dit is niet bevorderlijk voor hun emotionele beschikbaarheid. Daarnaast zijn de emoties en belevingen bij kinderen met een verstandelijke beperking vaak moeilijker af te lezen. Hierdoor bestaat het risico dat ouders onvoldoende sensitief en responsief reageren op de signalen van hun kind. Om deze reden is het belangrijk ouders te helpen met hun emoties om te gaan. Daarnaast is het belangrijk ouders te ondersteunen bij het herkennen van de signalen van hun kind zodat ze hierop passend kunnen reageren.

 

5. Ondersteuning teams

Het ondersteunen van mensen met hechtingsproblemen kan een behoorlijke wissel trekken op begeleiders en teams. Het is belangrijk dat begeleiders (en ook ouders) zich bewust zijn van hun eigen gevoelens, gedachten en draagkracht. Pas als begeleiders in staat zijn om de negatieve emoties te hanteren die cliënten met hechtingsproblemen bij hen kunnen oproepen, kunnen ze voor hun cliënten een rots in de branding zijn. Daarnaast is de kans kleiner dat begeleiders opgebrand raken. Manager kunnen hun teams hierbij ondersteunen.

 

Eind 2014 verscheen het boek Mentaliseren Bevorderende Begeleiding (MBB) van Francien Dekker en Paula Sterkenburg. Mentaliseren betekent dat je jezelf van buitenaf en de ander van binnenuit kunt zien. Het kunnen mentaliseren is een belangrijke vaardigheid om jezelf en de ander te begrijpen en met elkaar om te kunnen gaan. De methode MBB is ook heel bruikbaar bij het begeleiden van cliënten met hechtingsproblematiek.

 

Meer leren over de ondersteuning van mensen met een verstandelijke beperking?

FORTIOR is gespecialiseerd in het organiseren van trainingen voor professionals die werken met mensen met een verstandelijke beperking. Bekijk hier ons volledige aanbod

 

Bronnen
De Belie, E. & Morisse, F. (Red.). (2007). Gehechtheid en gehechtheidsproblemen bij personen met een verstandelijke beperking. Antwerpen/Apeldoorn: Garant.

Francien Dekker- van der Sande en Paula Sterkenburg (2014). Mentaliseren kun je leren. Introductie in Mentaliseren Bevorderende Begeleiding (MBB). Een handreiking voor (adoptie/pleeg)ouders, begeleiders, leerkrachten en overige hulpverleners van kinderen, jeugdigen en volwassenen met een visuele en/of verstandelijke beperking bij wie sprake is van problematische gehechtheid, andere psychiatrische stoornissen en/of gedragsproblemen. Doorn: Bartiméus Reeks.

Anneke Groot en Ad van den Broek. (2012). Contactgericht Ondersteunen. Breugel/Utrecht: FORTIOR

 

Vond je de blog interessant? Wil je op de hoogte blijven van onze blogs? Meld je dan nu aan voor de nieuwsbrief!
Aanmelden voor de nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuwe trainingen en ontwikkelingen

Aanmelden nieuwsbrief