Gerrit Vignero – Als de draad een kluwen is geworden

Terug naar het overzicht

Gerrit Vignero werkt sinds 1986 als orthopedagoog in het Medisch Pedagogisch Centrum (MPC) Terbank in Heverlee. MPC Terbank is een residentiële voorziening voor jongens en meisjes van drie tot 21 jaar met een lichte of matige verstandelijke beperking, gedragsstoornissen en/of emotionele problemen. Al heel vroeg in zijn werk als orthopedagoog ontdekte hij het belang van de ontwikkelingspsychologie voor het ondersteunen van mensen met een verstandelijke beperking.

Gerrit is geschoold in de methode Heijkoop. De vraag waar hij zich op richtte was: Hoe vertaal je ontwikkelingspsychologisch denken naar het orthopedagogisch handelen? Voor het antwoord op deze vraag maakte Gerrit gebruik van het werk van Jacques Heijkoop en van Anton Došen. Hij ontwikkelde een eigen model waarbij hij het beeld van de draad gebruikt om de relatie tussen cliënt en professional die bij de verschillende ontwikkelingsfasen hoort, weer te geven. Over zijn methode heeft Gerrit inmiddels drie boeken geschreven. ‘De draad’ werd oorspronkelijk vooral opgepikt in voorzieningen voor cliënten met een verstandelijke beperking. Inmiddels wordt het ook als werkvorm gebruikt in scholen zowel in buitengewoon onderwijs als gewoon onderwijs.

Gerrit geeft scholing in België en Nederland over zijn model en begeleidt (in België) casusbesprekingen.

Als de draad een kluwen is geworden

Het model en de methode de draad hebben de emotionele en sociale ontwikkeling als grondslag en willen bruikbare en vruchtbare handvatten bieden om ouders, leerkrachten, begeleiders in gewone en buitengewone situaties te ondersteunen. Doorheen de verschillende ontwikkelingsstappen van baby tot volwassene evolueert het reguleren van spanning en prikkels. Via hechtings- en cognitieve processen ontwikkelen zich eigen copingstrategieën.

Cliënten die door een aangeboren verstandelijke beperking en afwijkende hersenontwikkeling of door hechtingstrauma’s problemen hebben met de zelfontwikkeling, beschikken over veel minder mogelijkheden om zich te reguleren. Zij vallen bij spanning en interne en externe overprikkeling terug op strategieën die heel pril zijn in de ontwikkeling, waardoor zij gemakkelijk door deze prikkels overspoeld raken. Ouders en begeleiders voelen aan dat ze bij hun kind of cliënt niet kunnen terugvallen op hechting, op mentaliseren of op cognitieve processen. Ze verliezen de verbinding, de draad, en zullen zelf hun kind of hun cliënt moeten gaan reguleren.

De methode de draad wil helpen om opnieuw aansluiting te vinden bij deze kwetsbare personen, bij het kwetsbare plekje in de draad: verbindend werken met cliënten met probleemgedrag is nodig. Als je kunt ontdekken hoe mensen zelf zoeken naar manieren om uit moeilijk lopende situaties te komen, vind je handvatten om hen te ondersteunen en een betere omgang met hen te ontwikkelen. De oplossing zit hem (onder meer) in het uitbouwen van de handhavende en beschermende krachten waarmee iemand probeert greep te krijgen op wat hij ervaart. Men moet deze waarderen als een poging om een leefbare situatie te zoeken en moet een aanbod doen om de persoon te ondersteunen bij het zoeken naar alternatieven. Daarbij gaat men zowel uit van de cliënt, van hoe de situatie en de omgeving wordt georganiseerd als hoe men blijvend zal proberen verbinding ‘een draad’ uit te bouwen.

Als de draad een kluwen is geworden, gaan we deze ontrafelen aan de hand van de methodiek: ontwarring en ordening van de draad.

In de lezing van Gerrit komen de volgende onderwerpen aan bod:

  • Korte introductie van het model en de methode ‘de draad’, vanuit het thema zelfregulatie;
  • Regulatie van stress, spanning en prikkels vanuit ‘de draad’: spoor, poort, actie-reactie en samen   doen;
  • Voorbeeld aan de hand van casussen. Link met de methode Heijkoop;
  • Handvatten voor begeleiders en ouders: werken met de cliënt, met de situatie en met de draad.

 

 

 

Aanmelden voor de nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuwe trainingen en ontwikkelingen

Aanmelden nieuwsbrief