Hoe kun je kinderen met dyspraxie ondersteunen bij het leren?

Terug naar het overzicht

 

Tijdens een studiedag bij FORTIOR zei Anneke Groot (CSL trainer en auteur) dat alle kinderen (en volwassen) met autisme die zij kent een vorm van dyspraxie hebben. Doordat mensen met autisme hun lichaam niet goed voelen kunnen zij hun lichaam ook goed in beweging zetten om bijvoorbeeld opdrachten uit te voeren. Dit heeft gevolgen voor hun vermogen tot leren. Kinderen met dyspraxie kunnen niet goed meekomen in het competentiegerichte onderwijs dat in Nederland gebruikelijk is. In deze blog lees je meer over dyspraxie en de methode Gestructureerd Leren waarmee je kinderen met dyspraxie kunt ondersteunen.

 

Sensorische informatieverwerking

Sensorische informatieverwerking gaat over zintuiglijke informatie die je in je lichaam binnenkrijgt. Dit is enerzijds informatie over de omgeving (wat je hoort, ziet, voelt, proeft en ruikt) en anderzijds informatie uit het lichaam zelf (informatie uit spieren, gewrichten, organen en evenwichtssysteem). Alle informatie komt binnen in je hersenen. De hersenen verwerken die informatie en zorgen ervoor dat je daar ook adequaat op kunt reageren.

Sensorische informatieverwerking heeft niet alleen invloed op gedrag. De informatie vertelt je onder andere wat je moet doen. Ook aandacht, concentratie en arousalregulatie (neurologische toestand van wakker, geconcentreerd of juist geprikkeld zijn) worden voor een groot deel “veroorzaakt” door zintuiglijke informatie.

 

Andere sensorische ontwikkeling

Bij kinderen met autisme verloopt de ontwikkeling van de sensorische informatie anders dan bij neurotypische kinderen. Dit heeft gevolgen voor hun ontwikkeling op vele niveaus. Via de zintuigen leert een klein kind namelijk de wereld kennen. Het kind leert doordat de acties die het onderneemt worden opgeslagen in de hersenen, zodat het de volgende keer sneller en anders kan reageren.

 

Ondergevoelig én overgevoelig

Mensen hebben verschillende zintuigsystemen. Mensen kunnen zintuigsystemen hebben die overgevoelig zijn (prikkels komen te sterk binnen) en tegelijkertijd kunnen ze zintuigen hebben die ondergevoelig zijn (prikkels komen te zacht binnen).

Bij mensen met autisme komen sommige prikkels heel intens binnen, bijvoorbeeld een aanraking doet al pijn. Terwijl ze andere prikkels juist te weinig of helemaal niet waarnemen. Zo vertelde een ervaringsdeskundige Leonie tijdens een studiedag bij FORTIOR dat zij op een bepaald moment derdegraads brandwonden op haar rug had omdat zij niet kon voelen hoe heet het water van de douche was. Ook hebben mensen met autisme vaak moeite met het integreren van verschillende prikkels, ze kunnen bijvoorbeeld niet naar iemand kijken en luisteren tegelijk.

Als mensen met autisme gestrest zijn of minder goed in hun vel zitten dan werkt hun prikkelverwerking over het algemeen nog minder goed.

 

Dyspraxie

Volgens Anneke Groot komt het vaak voor dat mensen met autisme weinig zintuiglijk lichaamsgevoel hebben. Ze kunnen hun lichaam niet goed aansturen omdat ze hun lichaam en bewegingen niet of nauwelijks waarnemen. Anneke Groot noemt deze problemen om je eigen lichaam waar te nemen, te organiseren en aan te sturen “dyspraxie”.

Door hun dyspraxie reageren een aantal mensen met autisme vertraagd of hebben ze meer tijd nodig om een instructie te verwerken. Het herhalen van de instructie maakt het uitvoeren van de opdracht alleen maar moeilijker. Andere kinderen komen juist helemaal niet tot gericht handelen.

 

Niet willen of niet kunnen?

Het wonderlijke is dat mensen met dyspraxie op het ene moment een handeling wel kunnen uitvoeren en op een ander moment niet. Anneke Groot geeft in haar boek Houvast het voorbeeld van een jongen die zijn tas wel kan inpakken als hij naar een vriend gaat maar het lukt niet om zijn schoolspullen in te pakken als hij naar school moet. Hierdoor kun je gemakkelijk gaan twijfelen over “kan hij het niet of wil hij het niet”.

Volgens Anneke Groot werken de uitvoerende vaardigheden beter als de opdracht vanuit een innerlijke motivatie komt dan als de opdracht van buitenaf wordt gegeven. Het verschil zit in de vertaalslag in de hersenen. Bij impulsief gedrag of innerlijke motivatie hoeft er geen vertaalslag gemaakt te worden en wordt de handeling vloeiend uitgevoerd. Als de opdracht van buiten komt dan moeten mensen met dyspraxie de vertaalslag wel maken en komt de het er met horten en stoten uit of het komt helemaal niet.

Mensen met dyspraxie worden vaak niet begrepen. De omgeving heeft niet door hoe hard ze eigenlijk werken. Hoe hard ze ook hun best doen, het lukt vaak niet om het goed te doen.

 

Leerstrategie

Kinderen (en volwassenen) met dyspraxie leren niet van hun fouten. Bij het uitvoeren van opdrachten of handelingen verdwalen ze als het ware in hun hoofd en weten ze niet precies waar het mis is gegaan. In de wereld van de neurotypicals verwacht mensen echter wel dat iemand leert van fouten. Vandaar dat ouders en leerkrachten kinderen met dyspraxie lange tijd laten aanmodderen. Het gevolg hiervan is dat deze kinderen veel faalervaringen opdoen en dat ze daarnaast foute strategieën ontwikkelen.

Voor kinderen met dyspraxie is het belangrijk om vooraf te weten wat er gaat gebeuren, de opdrachten in kleine stukjes te knippen en de helpende hand te bieden als het kind blijft steken zodat het weer in beweging kan komen. Kinderen met dyspraxie leren niet van fouten maar wel van goede voorbeelden. Ook het opdoen van succeservaringen is belangrijk.

 

De methode gestructureerd leren

Met de methode Gestructureerd Leren (ontwikkeld door stichting Horison) kun je kinderen met dyspraxie ondersteunen bij het leren. Een van de tools is dat elke opdracht succesvol is. Dit is een prettige manier van leren voor deze kinderen, die vaak al veel faalervaringen hebben gehad. Met de methode Gestructureerd Leren kunnen ze steeds laten zien wat ze wel weten en kunnen ze trots zijn op hun prestaties. De tools maken leren uitvoerbaar en leuk! En dat is goed voor hun eigen waarde en zelfvertrouwen.

De oefeningen in Gestructureerd Leren sluiten aan bij de cognitieve vermogens van het kind maar zijn motorisch eenvoudig uit te voeren. Door de oefeningen veel te herhalen, kunnen kinderen zich ontwikkelen in het sneller, gepaster en gerichter reageren in antwoorden geven. Je leert hen dus niet alleen goed te reageren op een cognitieve uitdaging, maar ook om sneller de goede antwoorden te geven. Het is veel motiverender als ze het tempo van hun hoofd kunnen volgen, want dan kunnen ze veel makkelijker laten zien wat ze weten.

 

Meer horen over Gestructureerd Leren?

FORTIOR organiseert in samenwerking met Anneke Groot en Ruben Chatlein een studiedag over de methode Gestructureerd Leren.  Lees hier meer over de studiedag

 

 

Bronnen

Anneke Groot. (2015). Houvast. Contactgericht spelen en leren met kinderen in het autistisch spectrum. Amsterdam: uitgeverij SWP. ISBN 9789088505973. Bekijk dit boek hier>>

Anneke Groot en  Wendy Wesselink-ten Thije (2017) Gestructureerd Leren. Publicatie van Stichting Horison

FORTIOR Studiedag Stress- en Spanningsregulatie bij mensen met autisme op 4 juni 2019 https://www.fortior.info/trainingen/archief/spannings-en-stressregulatie-bij-mensen-met-autisme/

Blog “Een goede ondersteuning van cliënten met sensorische informatieverwerkingsproblemen begint bij goed begrip” https://www.fortior.info/blogs/een-goede-ondersteuning-van-clienten-met-sensorische-informatieverwerkingsproblemen-begint-met-goed-begrip/

FORTIOR Studiedag Sensorische informatieverwerking – stap 1 op 12 oktober 2018 https://www.fortior.info/trainingen/open-inschrijving/sensorische-informatieverwerking-inleiding/

 

Aanmelden voor de nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuwe trainingen en ontwikkelingen

Aanmelden nieuwsbrief