Terug naar het overzicht

Het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching

Het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching

In Nederland is het gebruikelijk dat de gedragsdeskundige de diagnostiek doet bij cliënten met een verstandelijke beperking. Vervolgens geven ze op basis van hun onderzoek concrete adviezen voor de ondersteuning van deze cliënten. In de praktijk blijkt dat adviezen van gedragsdeskundigen niet altijd worden opgevolgd. Volgens Filip Morisse (een orthopedagoog uit Vlaanderen) zouden gedragsdeskundigen en teamleiders van rol kunnen veranderen. In plaats van zich op te stellen als deskundige of baas, zouden ze de rol moeten gaan vervullen van coaches die het team en de individuele medewerker versterken. Het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching is een van de methoden voor het coachen van teams.

 

Het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching

In Nederland wordt het “oplossingsgerichte werken” met mensen met een verstandelijke beperking al vaak toegepast. De methode komt oorspronkelijk uit Amerika, de grondleggers zijn Steve de Shazer en Insoo Kim Berg. Het Korzybski instituut in Brugge ontwikkelde in de jaren ’80 het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching. Beide manieren van werken hebben belangrijke overeenkomsten (zoals het oplossingsgerichte denken in plaats van het probleemgericht denken). Toch zijn er een aantal verschillen. Hieronder zal kort worden beschreven wat de kenmerken van het Brugse model zijn.

 

Relatie is belangrijke factor

Het Brugse model voor oplossingsgericht werken zet in op verschillende factoren. Extra nadruk wordt gelegd op de “relatie”. Door je bewust te zijn van jouw mandaat (dat je van het team of coachee hebt gekregen), investeer je optimaal in de relatie. Het mandaat wordt meestal bepaald door het type relatie dat je hebt met het team of de coachee. De interventies worden ook afgestemd op de relatie waarin je je bevindt. Daarnaast is het belangrijk om altijd te blijven “joinen”. Dit betekent dat je steeds aansluiting probeert te vinden en verbinding maakt met de mensen met wie je werkt.

 

Het is iets eenvoudiger om verbinding te zoeken met één coachee dan met een hele groep. Een teamcoach kan zich er in trainen om op te merken met welke mensen je wel verbinding hebt. Gun de andere teamleden ook de ruimte om niet meteen verbinding met je te maken.

 

Vier vragen

In het Brugse model staan vier vragen centraal:

  1. Is er een oplossing mogelijk?
  2. Is er een hulpvraag?
  3. Is er een werkbare hulpvraag?
  4. Zijn er passende resources voorhanden?

 

Telkens als er een positief antwoord is op een vraag, kun je door naar de volgende. Bij ieder ontkennend antwoord blijft de coach bij interventies die bij het huidige niveau passen. Deze aanpak wordt verduidelijkt door een flowchart. Dit is een nuttig instrument om het coachingsproces te begeleiden.

 

Het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching

Probleem versus beperking

Het Brugse model voor oplossingsgericht coachen maakt onderscheid tussen de begrippen “probleem” en “beperking”. Een probleem is iets wat je kunt oplossen. Een beperking is iets wat je niet kunt oplossen. Met een beperking kun je leren omgaan. Het belangrijk om je als coach bewust te zijn of iets een probleem of beperking is. Zo voorkom je dat je gefrustreerd wordt omdat je het onmogelijke probeert te realiseren.

 

Verschillende type relaties

Er bestaan binnen het Brugse model vier typen relaties. Het type relatie is bepalend voor het mandaat van de coach en het type interventies waarvoor gekozen kan worden. De relatie waarin de coach en coachee zich bevinden zegt niets over de kwaliteit van het coachingsproces. Ongeacht de relatie is samenwerking altijd mogelijk.

 

Vrijblijvende relatie

Dit zijn cliënten en teams die geen specifieke hulpvraag hebben. De oplossingsgerichte coach wijst deze mensen of teams niet af. Mensen hebben het recht om geen hulpvraag te hebben; de coach kan deze mensen wel wijzen op de consequenties.

 

Zoekende relatie

In deze relatie heeft de coachee / team nog een vage of moeilijk werkbare hulpvraag. Met deze hulpvraag kun je op dat moment nog niet als coach aan de slag. In deze relatie kun je met een coachee/ team werken aan een concrete hulpvraag die geformuleerd is als een positieve doelstelling.

 

Consulterende relatie

Over een consulterende relatie wordt gesproken als een coachee /team weet wat de hulpvraag is. Het is alleen niet duidelijk hoe hieraan gewerkt kan worden. Bij dit type relatie gaat de coach samen met een coachee/ team op zoek naar resources (krachtbronnen).

 

Expertenrelatie

In een expertenrelatie is bekend waar een coachee / team naar toe wil. Het is bekend wat krachtbronnen zijn en hoe deze kunnen worden ingezet om een doel te bereiken. Dit is een moeilijke relatie omdat je als de coach zo weinig mag doen: je rol bestaat voornamelijk uit supporteren.

 

Meer leren over het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching?

FORTIOR organiseert de studiedag Tools voor de oplossingsgerichte coach waarin het Brugse model voor oplossingsgerichte coaching uitgebreid wordt behandeld. Lees meer over de studiedag Tools voor de oplossingsgerichte coach>>

 

 

Bronvermelding:
De inhoud van deze blog is volledig gebaseerd op:
Van Dam, C. (2015). Coachen naar verandering. Een praktisch boek over oplossingsgerichte coaching voor de personal coach, de teamcoach en de coachende hulpverlener. Antwerpen: Intersentia educatief.

Vond je de blog interessant? Wil je op de hoogte blijven van onze blogs? Meld je dan nu aan voor de nieuwsbrief!
Aanmelden voor de nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuwe trainingen en ontwikkelingen

Aanmelden nieuwsbrief